nederlandse vereniging voor kunstzinnige therapieën

Verslag van de presentatie van Annemarie Abbing, 49e internationale muziekconferentie 2017 Zutphen

Door Redactie - In: Conferenties - 28 oktober 2017

Verslag van de presentatie van Annemarie Abbing over CASE REPORTS

Onderzoek: is dat eng, moeilijk, vervelend, ‘koud’?

Dat valt best mee! Als je uitgaat van je eigen nieuwsgierigheid kan het juist enthousiasmeren, inspireren, bruggen bouwen en draagvlak uitbreiden voor ons mooie vak.

De maatschappij vraagt in toenemende mate om gegevens die de werkzaamheid en het effect van vaktherapie, dus ook van KT Muziek, aantonen. Tevens – vooral vanuit de beroepsgroepen - is er een vraag naar het expliciteren van de werkingsmechanismen.

Beide vragen (naar effectiviteit van de therapie, en inzicht in de werkingsmechanismen van de therapie) kunnen op basis van casusbeschrijvingen beantwoord worden, als die beschrijvingen tenminste van voldoende, wetenschappelijke, kwaliteit zijn.

 

 

Een casusbeschrijving is, eenvoudig gezegd, een verslag van het therapeutisch traject van een cliënt. Veelal zien we mooie verhalen, die inspirerend, boeiend en vaak ook informatief voor vakgenoten zijn. Deze casusbeschrijvingen voldoen echter vaak niet aan wetenschappelijke criteria, waardoor ze moeilijk te publiceren zijn in internationale wetenschappelijke tijdschriften en de impact minimaal is.

Om dit te verbeteren heeft het Lectoraat Antroposofische Gezondheidszorg een richtlijn ontwikkeld voor het schrijven en publiceren van case reports. Dit is de CARE-AAT-richtlijn (Abbing et al. 2016). Deze richtlijn is gebaseerd op de reeds bestaande CARE Guidelines (Gagnier et al. 2013) en is aangepast voor gebruik in de kunstzinnige therapie.  

Deze CARE Guidelines zijn primair ontwikkeld voor medici. De CARE-AAT richtlijn volgt dezelfde opbouw en heeft dezelfde inhoud, maar is uitgebreid op een aantal punten die specifiek zijn voor de kunstzinnige therapie. Gesprekken over het gebruik van deze richtlijn in de beroepspraktijk hebben de indruk gegeven dat de richtlijn over het algemeen nog te abstract is voor kunstzinnig therapeuten. Met name de niet-chronologische ordening van informatie in de richtlijn maakt het onduidelijk welke informatie wanneer verzameld moet worden. Om de praktijk tegemoet te komen is nu een documentatiemethode, op basis van de richtlijn, ontwikkeld. De documentatiemethode bestaat uit 85 items, die voor de therapeut herkenbaar en begrijpelijk zijn en die bovendien in de chronologie van de beroepspraktijk zijn geplaatst en geordend naar de fasen: Intake, Diagnostische fase, Planfase, Therapeutische fase en Evaluatie fase (Abbing et al, submitted).

De documentatiemethode maakt het voor kunstzinnig therapeuten mogelijk om de noodzakelijke informatie tijdens het therapeutische traject te verzamelen. Na afloop is dan alle informatie aanwezig om een case report te kunnen gaan schrijven. Het schrijven van het daadwerkelijke case report kan dan door een (ervaren) onderzoeker gedaan worden, in samenwerking met de therapeut.

Tijdens de presentatie is de documentatiemethode toegelicht en het gebruik in de eigen praktijk besproken. Ook zijn er verschillende opties besproken om hier mee aan de gang te gaan. Bediscussieerd werd dat niet iedere therapeut alles op deze manier doet of in deze volgorde werkt. In antwoord daarop werd benadrukt dat de documentatiemethode niet wil voorschrijven hoe de therapie gegeven moet worden. Er wordt bijvoorbeeld gevraagd naar een therapieplan, maar dat betekent niet dat je altijd een plan moet hebben voor iedere sessie, want vaak ontstaan de therapielijn veelal ontstaat tijdens de sessies. En deze praktijkvoering kan natuurlijk gewoon gevolgd worden. De documentatiemethode geeft aan welke info nodig is voor een casusbeschrijving en bevat ook onderdelen die je achteraf moeilijk nog kunt aanvullen.

Specifiek voor de muziektherapie werd er gepleit voor het maken van geluidsopnames, waaruit dan de informatieve momenten gehaald kunnen worden.

Als je wilt meewerken aan het verzamelen van gegevens voor onderzoek, kun je de documentatiemethode naast de verslaglegging die je normaal gesproken doet leggen, en het als een soort checklist gebruiken. Je kunt documenteren in steekwoorden. Pas als je aan de slag gaat met het schrijven van een case report, kan een onderzoeker dmv vragen stellen de verdere informatie boven tafel krijgen. Je aantekeningen gelden dan als geheugensteun.

Therapieverslagen verdwijnen veelal in de la, terwijl ieder traject op zich een verhaal is dat het waard is om gedeeld te worden!

Referenties:

Abbing, A., Ponstein, A., Kienle, G., Gruber, H., Baars, E. (2016). The CARE-AAT Guideline: Development and Testing of a Consensus-based Guideline for Case Reports in Anthroposophic Art Therapy. International Journal of Art Therapy.

Abbing, A., Ponstein, A., Hoekman, J., van Hooren, S. & Baars E.W. (submitted). Wetenschappelijk verantwoorde casusbeschrijvingen vragen om methodische documentatie. De ontwikkeling van een documentatiemethode gebaseerd op de CARE-AAT-richtlijn. Tijdschrift voor Vaktherapie 

Gagnier, J., Kienle, G., Altman, D., Moher, D., Sox, H., Riley, D. & the CARE group (2013). The CARE Guideliness: Consensus-based Clinical Case Reporting Guideline Development. Global Adv Health Med. 2013;2(5):38-43. DOI: 10.7453/gahmj.2013.008